Vlak voor covid begon ik met wandelen. Geen groot plan, geen schema’s, gewoon beginnen. Eerst twee keer per week. Dat werden er langzaam meer. Drie keer. Vier keer. Uiteindelijk vijf keer per week. Ook de afstanden groeiden mee. Van vier à vijf kilometer per wandeling naar tien, soms zelfs vijftien kilometer per dag.
Ik stond vroeg op, trok mijn schoenen aan en ging meteen de deur uit. Geen excuses, geen uitstel. In die periode viel ik veel af. Dat was ook niet zo vreemd, want ik werkte vanuit huis en had simpelweg de tijd. Twee of drie uur wandelen in de ochtend was haalbaar. Mijn agenda liet het toe.

Terug naar ‘normaal’
Na covid veranderde alles. Ik kreeg weer een normale baan. Dat betekende: geen tijd meer om ’s ochtends uren te wandelen. En zoals dat gaat, kwamen oude gewoontes terug. In mijn geval: cola. Veel cola. Mijn oude coca-cola verslaving stak weer de kop op en langzaam maar zeker kwamen de kilo’s terug. Alles wat ik kwijt was geraakt, zat er binnen een paar jaar weer aan.
Geen drama, wel realiteit.
Opnieuw beginnen
Sinds 1 januari ben ik weer begonnen. Exact hetzelfde principe als de vorige keer. Niet alles tegelijk, maar rustig opbouwen. Eerst twee dagen per week. Dan drie. Nu, terwijl ik dit schrijf op 30 januari, wandel ik drie tot vier dagen per week. Alleen is één ding anders dan toen: ik loop meteen tien kilometer per keer.
Dat kost tijd. Energie. Discipline. Maar het voelt goed.
Meten is weten
Ik gebruik meerdere apps. Niet omdat ik een dataverslaafde ben, maar omdat inzicht helpt.
- WeWard, omdat ik daar punten verdien die ik kan omzetten in geld
- Steps App, puur voor het aantal stappen
- Map My Walk, voor de serieuze cijfers: afstand, tempo en snelheid
In het verleden had ik mijn conditie zo ver opgebouwd dat mijn gemiddelde tempo onder de 11 minuten per kilometerlag. Dat is een niveau waar ik nu nog ver vanaf zit.
Begin deze maand lag mijn gemiddelde boven de 14 minuten per kilometer. Vanmorgen zat ik op 13:10. Dat lijkt misschien weinig, maar het is een forse verbetering in een paar weken tijd. Er zit duidelijke progressie in. Alleen: ik ben er nog lang niet.
Geduld en vertrouwen
Ik weet dat die tijden onder de 11 minuten per kilometer weer gaan komen. Dat is geen wensdenken, dat is ervaring. Zodra de kilo’s eraf gaan, wordt lopen makkelijker. Iedere wandeling verbetert mijn conditie. En met elke verbetering verdwijnen er weer seconden van de klok.
Ik verwacht dat ik voor de vakantie, midden april, weer rond of zelfs onder die 11 minuten per kilometer zit. En minstens zo belangrijk: onder de 100 kilo. Dat is het doel voor de korte termijn.
Niet omdat het moet.
Niet omdat het snel moet.
Maar omdat het werkt.
En omdat opnieuw beginnen soms precies is wat je nodig hebt.

Go for it Ferdinand, goed bezig!