Onze katten en hoe we ze kregen

Ik heb al vaker over onze katten geschreven. We hebben er drie. Cinder, Dalvey en Milo. Tijdens de covid periode gaf ik Aqila een keuze voor haar verjaardag. Of een staycation in het iconische Marina Bay Sands met toegang tot het wereldberoemde zwembad of een kitten. Tot mijn verrassing koos ze voor een kitten. Dus wij op zoek en in de facebookgroep ‘Nederlanders in Singapore’ werden er kitten aangeboden. Een Nederlands expat gezin had een jong vrouwtje en ze hadden een afspraak voor sterilisatie toen de pandemie echt losbarstte en we in Singapore een complete shut-down van zes weken kregen. Alleen essentiële bedrijven mochten open, en dierenartsen mochten alleen essentiële hulp geven. Sterilisatie hoorde daar niet bij en toen die zes weken voorbij waren was de kat zwanger. Cinder was één van de kittens.



Een jaar later zaten Cindy en ik te denken aan een tweede kat zodat Cinder niet alleen zou zijn de hele dag. En op dat moment nam dezelfde familie contact op, ze gingen terug naar Nederland en namen de moeder plus een broertje van Cinder mee. Echter hadden ze kort daarvoor een andere kat, een vrouwtje, geadopteerd die op straat gezet was. Ze was op straat gezet omdat ze ook ongewenst zwanger was geworden. Dat is Dalvey, en Dalvey woont nu ook bij ons. Als je niet beter zou weten zou je denken dat ze uit hetzelfde nest komen, beide zijn pikzwart en beide hebben een rare kronkel in de staart maar ze zijn geen familie. 



Als wij weg zijn op vakantie dan zorgt de Thaise buurvrouw van twee deuren verder voor de katten. Ze is gek op katten, maar haar bijna 100 jaar oude schoonmoeder woont bij ze in en dus is een kat in huis geen optie. Haar man en schoonmoeder zijn Chinees, en oudere Chinese mensen hebben het over het algemeen niet zo op katten. Dus ik was heel verrast toen ik op een ochtend naar beneden ging om te ontbijten en ik de buren uit de lift zag stappen met een kat in een mandje. Vrienden van de buren gingen emigreren naar Australië en konden de kat niet meenemen. Ze vroegen gelijk of wij de kat wilde en mijn antwoord was “we hebben er al twee”.

Tijdens het ontbijt stuurde ik Cindy een berichtje en zei dat Michael en Ada nu ook een kat hadden, dus Cindy ging gelijk kijken. Ik kwam terug van ontbijt en de kat zat in de mand op de galerij. Toen ik binnenkwam vroeg Cindy of ik de kat had gezien en mijn antwoord was ‘nee’. Ze zei “hij is zo schattig” en ik zei dat ik Ada en Michael ook vertelde: we hebben er al twee. “Maar hij zit zo zielig op de galerij” “we hebben er al twee” “hij is zo mooi en schattig” “we hebben er al twee”. Het leek wel een beetje op Paradise by the Dashboard light van Meatloaf, en na de zoveelste “he is so cute” verzuchtte ik “kut, we hebben drie katten”.



Milo is een raskat, maar we wisten niet welk ras. Tot Cindy maanden later een foto nam, en Google zei dat het een Syberian was. Ik moet toegeven, Milo is wel een prachtige kat maar ook een handvol. Over de avonturen met Milo schrijf ik binnenkort meer.

Geef een reactie

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *